Wat is een zwangerschapsverlies of miskraam?
Een zwangerschapsverlies is een zwangerschap die zich niet verderzet.
- 15-20% van de zwangerschappen eindigt in een zwangerschapsverlies.
- De meeste zwangerschapsverliezen treden op vóór de 12e week van de zwangerschap.
- Een zwangerschapsverlies kan zowel optreden bij een spontane zwangerschap als na een vruchtbaarheidsbehandeling.
- Een zwangerschapsverlies gebeurt niet altijd op dezelfde manier. Daarom zal niet alles wat je hier leest op jou van toepassing zijn.
- Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een vroeg zwangerschapsverlies vóór 12 weken en een laat zwangerschapsverlies na 12 weken.
Deze pagina gaat enkel over vroeg zwangeschapsverlies. Niet alle info op deze pagina zal daarom voor jou van toepassing zijn. Neem er vooral uit mee wat voor jou nuttig is of kan helpen bij de verwerking.
Soorten miskramen
Dat is een zwangerschap die heel vroeg eindigt. Je hebt wel een positieve zwangerschapstest, maar op de echo is geen zwangerschap te zien. Het hCG-hormoon in je bloed stijgt niet verder.
Op de echo zie je een vruchtzakje, maar er zit geen baby in. Dit wordt ook wel een 'windei' genoemd. Je merkt niet altijd iets van deze miskraam. Dat komt omdat de placenta vaak nog een tijd zwangerschapshormonen blijft aanmaken.
De vruchtzak met het vruchtje is nog wel te zien op de echo, maar het hartje klopt niet meer. Misschien heb je al bloedverlies en pijn, maar dat is niet altijd het geval. Het kan nog aanvoelen alsof je zwanger bent, omdat je placenta nog zwangerschapshormonen blijft aanmaken.
Bij een volledige miskraam zie je de zwangerschap niet meer op de echo. Het vruchtje is uit je lichaam gekomen. Dat gaat gepaard met bloedverlies en pijn. Soms blijft er nog wat weefsel van de placenta achter.
Deze bijzondere vormen hebben ook een grote impact op je, maar ze vragen een andere behandeling. Daarom gaan we er hier niet verder op in. Je arts kan je er meer over vertellen.
- Een buitenbaarmoederlijke zwangerschap: het vruchtje groeit buiten de baarmoeder, meestal in de eileider. Dit kan pijn en bloedverlies geven.
- Een molazwangerschap: Dit komt heel weinig voor. De placenta groeit verder, maar de baby ontwikkelt zich niet.
"Had ik het kunnen voorkomen?"
In de meeste gevallen kan je een zwangerschapsverlies niet voorkomen. Niemand heeft ‘schuld’ aan een zwangerschapsverlies. Toch zit je nu waarschijnlijk vol vragen en onzekerheden. Op deze pagina kunnen we misschien al een deel van je vragen over het zwangerschapsverlies beantwoorden.
Mogelijke symptomen
Vaak begint een zwangerschapsverlies met bepaalde symptomen. De meest voorkomende zijn:
- vaginaal bloedverlies
- hevige buikpijn die voelt als menstruatiekrampen
De klachten die je soms hebt tijdens een zwangerschap, zoals misselijkheid en borstspanning, nemen bij een zwangerschapsverlies vaak af.
Niet iedereen ervaart deze symptomen op dezelfde manier. Soms heb je helemaal geen klachten en gebeurt er toch een zwangerschapsverlies.
Bij een vermoeden
Bloedverlies in een vroege zwangerschap kan je ongerust maken, omdat het kan betekenen dat je een zwangerschapsverlies hebt gehad. We begrijpen dat je dan zo snel mogelijk een antwoord wil. Contacteer je arts of het ziekenhuis voor een controle. Een afspraak maken kan zo goed als elke dag.
Tijdens de consultatie beschrijf je de symptomen aan een arts. Die doet daarna meestal een echografie. Als je nog erg vroeg in je zwangerschap bent, is het zwangerschapsverlies misschien niet te zien op een echo. Dan kan de arts in de plaats een bloedonderzoek uitvoeren.
Als we een zwangerschapsverlies vaststellen, kunnen we dat helaas niet tegenhouden. Er bestaat geen medicatie voor en ook bedrust kan niet zorgen dat alles terug goed komt. We kunnen je wel bijstaan bij de lichamelijke en emotionele verwerking. Vraag ons gerust om advies.
Neem direct contact op met je arts of de dienst waar je wordt opgevolgd bij:
- erg hevig bloedverlies
- meer dan 38,5°C koorts
- duizeligheid, hevig zweten en/of flauwvallen
- slecht ruikend (bloed)verlies
- hevige pijn ondanks pijnstilling
Buiten de kantooruren kan je terecht bij de spoedgevallendienst.
Mogelijke oorzaken
Na een zwangerschapsverlies wil je graag weten wat er gebeurd is. Dat helpt bij het verwerkingsproces. Dit zijn de meest voorkomende oorzaken van een vroeg zwangerschapsverlies.
Meestal het vruchtje zelf
In de meeste gevallen wordt een zwangerschap afgebroken omdat het vruchtje zich niet goed ontwikkelde. Bijvoorbeeld omdat het hartje niet normaal groeide of omdat er een toevallige afwijking van de chromosomen was bij de bevruchting.
Soms een aandoening
Soms is er een onderliggende medische oorzaak bij de moeder die een zwangerschap bemoeilijkt, zoals problemen met bloedstolling, schildklierproblemen, diabetes, afwijkingen aan chromosomen of een afwijkende baarmoeder.
Wat géén zwangerschapsverlies veroorzaakt
Je krijgt geen zwangerschapsverlies door te werken, seks te hebben, te vallen, te sporten of iets verkeerds te eten.
Soms is er geen oorzaak te vinden
Zwangerschapsverliezen komen vaak voor. Soms is er geen duidelijke oorzaak te vinden, ook niet na verder onderzoek. Na een eerste zwangerschapsverlies is verder onderzoek meestal niet zinvol. Bij herhaalde zwangerschapsverliezen doen we dat soms wel. Hierover lees je in de brochure 'Herhaalde zwangerschapsverliezen'.
Risicofactoren
Om de kans op een volgend zwangerschapsverlies te verkleinen, is het goed om te weten wat mogelijke risicofactoren zijn.
Hoe ouder je wordt, hoe groter de kans op een zwangerschapsverlies. Bij oudere vrouwen ontstaan vaker afwijkingen in de chromosomen van het embryo. Chromosomen zijn de dragers van erfelijke eigenschappen. Een embryo met fouten in de chromosomen kan zich meestal niet ontwikkelen tot een gezond kind.
De kans op zwangerschapsverlies kan hoger zijn bij:
- overgewicht
- roken
- druggebruik
- alcoholgebruik
Sommige ziektes verhogen ook de kans op een miskraam. Een voorbeeld daarvan is polycysteus ovarium syndroom (PCOS). Ook bepaalde medicijnen kunnen het risico verhogen.
1 zwangerschapsverlies verhoogt het risico niet
Heb je één zwangerschapsverlies gehad? Dan betekent dat niet dat je meer kans hebt op een nieuw zwangerschapsverlies dan andere vrouwen.
Wat gebeurt er nadien?
Als blijkt dat de zwangerschap is gestopt, kan het zijn dat je lichaam nog niet alles vanzelf heeft afgestoten. Voor jouw gezondheid is het belangrijk dat we je in deze periode goed opvolgen. Samen met je arts beslis je hoe je de nazorg verder wil laten verlopen:
Afwachtend beleid
Je kan afwachten tot het zwangerschapsweefsel vanzelf uit je lichaam komt. Op dat moment trekt je baarmoeder spontaan samen en krijg je bloedverlies en krampen. Dat gebeurt meestal binnen 2 weken na de eerste bloeding, maar het kan ook langer duren. Wanneer het precies gebeurt, kan je niet voorspellen.
Medicijnen
Je kan samen met je arts kiezen voor medicijnen die ervoor zorgen dat de baarmoeder samentrekt en het zwangerschapsweefsel wordt afgestoten. Voor deze behandeling kunnen Mifegyne (mifepriston) en Cytotec (misoprostol) worden gebruikt.
- Stap 1: Mifegyne (mifepriston) - in het ziekenhuis.
Mifegyne bereidt de baarmoeder voor op de behandeling met Cytotec en maakt de baarmoeder weker. Je neemt 1 tablet via de mond tijdens je afspraak in het ziekenhuis. De vroedvrouw controleert je bloeddruk. Daarna wacht je nog 15 minuten voor je naar huis gaat. - Stap 2: Cytotec (misoprostol) - thuis
Cytotec zorgt ervoor dat de baarmoeder samentrekt, waardoor het zwangerschapsweefsel wordt afgestoten.
48 uur na Mifegyne: breng 4 tabletten diep vaginaal in. Blijf daarna 30 minuten liggen.
24 uur na de eerste dosis Cytotec: breng opnieuw 4 tabletten diep vaginaal in.
Je krijgt aparte informatie mee met het exacte medicatieschema en duidelijke instructies over wanneer en hoe je de medicijnen gebruikt. Volg altijd het schema en de instructies die je meekrijgt.
Wat kan je verwachten?
Na het gebruik van Cytotec krijg je meestal buikkrampen en vaginaal bloedverlies. Het bloedverlies kan heviger zijn dan bij een gewone menstruatie. Je kan ook bloedklonters of zwangerschapsweefsel verliezen.
Je kan tijdelijk last krijgen van bijwerkingen. Meer dan 1 op de 10 vrouwen krijgt last van misselijkheid, braken of diarree. Ook hoofdpijn, duizeligheid, koorts en koude rillingen komen bij meer dan 1 op de 10 vrouwen voor. De bijwerkingen duren meestal kort en gaan vanzelf over.
De eerste 24 uur na het gebruik van de medicatie kunnen de krampen en het bloedverlies het hevigst zijn. Zorg er indien mogelijk voor dat er die dag iemand bij je is.
Na de behandeling volgt een controle om na te gaan of de baarmoeder volledig leeg is. Als er nog zwangerschapsweefsel achterblijft, bespreekt de arts met jou wat de volgende stap is.
Een operatie (curettage)
Je kan ook kiezen om de zwangerschapsresten te laten verwijderen via een operatie in het ziekenhuis: dat heet een curettage. Het is een korte ingreep onder volledige verdoving in de dagkliniek. De arts haalt de zwangerschapsresten uit de baarmoederholte met een zuigslangetje. Dit gebeurt via je vagina. Heel soms blijft er nog een restje achter. Dan moet de ingreep opnieuw gebeuren.
Bloedverlies achteraf
Tot 2 weken na je zwangerschapsverlies, medicatie of curettage kan je wisselend vaginaal bloedverlies hebben.
Hoeveel bloed je verliest, hangt af van persoon tot persoon en van hoever de zwangerschap gevorderd was. De eerste 24 uur zijn de krampen en het bloedverlies het hevigst. Hoe verder in de zwangerschap, hoe meer bloedverlies je kan verwachten. Je zal een tijdje wat meer bloedverlies hebben dan bij een gewone menstruatie. Soms zie je ook wat klonters, een vruchtje of vochtblaasje.
Zolang je bloedverlies hebt, ga je niet in bad en heb je geen seksuele betrekkingen omwille van infectiegevaar. Gebruik enkel maandverband om het bloed op te vangen. Kies voor grote maandverbanden met een hoog absorberend vermogen. Gebruik geen tampons of cups, want die verhogen het risico op infectie.
Pijnbestrijding
Tijdens een zwangerschapsverlies trekt je baarmoeder samen om de zwangerschapsresten naar buiten te brengen. Dat kan buikkrampen of pijn in je onderrug veroorzaken.
Pijnstillers
Je mag paracetamol (1g) innemen tegen de pijn. Neem de pijnstiller maximaal 4 keer per dag met telkens 6 uur ertussen. Paracetamol is zonder voorschrift verkrijgbaar in de apotheek. Als dat onvoldoende is, mag je ook ibuprofen innemen na voorschrift van een arts.
Warmte
Een warmwaterkruik of kersenpitkussen tegen je onderbuik of onderrug kunnen wat bijkomende verlichting geven.
Heb je daarna nog altijd veel pijn?
Neem dan contact op met je arts of de dienst waar je wordt opgevolgd.
Buiten de kantooruren kan je terecht bij de spoedgevallendienst.
Een zwangerschapsverlies verwerken
Gun jezelf en je partner de ruimte om te bekomen van wat je hebt meegemaakt. Laat ons weten hoe wij daarin kunnen ondersteunen. Als je graag professionele ondersteuning wil, brengen we je in contact met een zorgverlener die je verder kan begeleiden.
Lichamelijk herstel
Na een zwangerschapsverlies schrijft de arts je meestal 1 week ziekteverlof voor. Soms is een langere periode nodig. Je zal 1 tot 2 weken nog wat bloedverlies en bruin gekleurde afscheiding hebben. Je lichaam herstelt meestal vrij snel na een zwangerschapsverlies. Het emotioneel verwerken vraagt vaak meer tijd.
Emotionele verwerking
Mensen reageren heel verschillend op een zwangerschapsverlies. Gevoelens zoals verdriet, boosheid, jaloezie, ontkenning, onzekerheid, angst en soms zelfs opluchting zijn niet abnormaal. Ook als partner kan je deze gevoelens hebben. Hoelang iemand nodig heeft om een zwangerschapsverlies te verwerken, verschilt van persoon tot persoon. Er is geen vaste tijdslijn te volgen. Het is belangrijk om in deze moeilijke periode te blijven praten met elkaar en met anderen.
Opnieuw zwanger worden
Enkel jij kan aanvoelen en beslissen wanneer je graag terug zwanger wil worden. Neem daar de tijd voor die je nodig hebt.
Het is beter om pas opnieuw seks te hebben als het bloedverlies gestopt is. Zo verklein je de kans op een infectie.
Zodra je opnieuw menstrueert, kan je opnieuw zwanger worden. Vaak komt de menstruatie pas 5 tot 6 weken na je zwangerschapsverlies.
Een gezonde levensstijl ondersteunt je lichaam. Dat kan met foliumzuur (vitamine B11), gezonde en gevarieerde voeding en voldoende beweging.
Vermijd factoren die de kans op een zwangerschapsverlies verhogen, zoals drugs, alcohol, roken en overgewicht
Ben je nog niet klaar voor een nieuwe zwangerschap? Gebruik dan voorbehoedsmiddelen. Bespreek met je arts welk voorbehoedsmiddel het beste is voor jou.
- Zelfs na een zwangerschapsverlies kan de zwangerschapstest nog enige tijd positief blijven, omdat het hCG-hormoon nog enige tijd in het bloed aanwezig is.
Heb je nog vragen?
Contacteer het Fertiliteitscentrum Contacteer Gynaecologie
Heb je dringend medische hulp nodig buiten de openingsuren van je dienst? Neem dan contact op met de spoedgevallendienst: zas.be/spoed